zo is'r de nacht
sluipend
asof de dag verdwijne moet
in stilte
omdat'et weer es
en altijd maar
die droom die leve laat
maar dat je ook ruste moet
om verder steeds
die droom
dàt leve
zo dag na dag
de nachte as'n buffer
en telkens'n droom gesmoord
in stilte
zo dag na dag
dag na dag
dag
na
dag
dag
dag
dag
dag
en de nachte
om de drome
te late ruste
(c) luk paard
dat'et leve ook zo
de wereld
en jij doorheen
tot alles in je woekert
en toch ben je mooi
nou ja weltschmerz
weltschmerz
en hoe je toch nog kan
zo op je eige m'nier
de wereld rond en rond
je hoeft geen rust
je oge spreke!
(c) luk paard
dat je ook es weet van lelijk
as je naar lucht hapt
terwijl'k de woorde as'n waarheid
door je strot ram
dàt beeld van clean wit
oh god bespaar'et me
steriel is nooit mooi
omdat puurte enkel van'et leve is
en mooi alleen uit puurte kan
dat je doet van alles achter maskers
maar dat die valle kunne
en dat jij ook adem moet
vanaf nu na de zoveelste keer
voor'et eerst zonder doekjes
dat je slikt met hele brokke
tot je opnieuw weet van jezelf
en dat kokhalze je mooier maakt
omdat steriel nooit puurheid kan
en waarheid anders dan jouw luchtjes
(c) luk paard
oh lieve lezers vriende van'et paard
de zondagochtend was me wat (zie vorige blog)
en toch zo dierbaar
ik ben'em doorgekome
heelhuids
al ben'k nog steeds wankel
ik was al wankel
zal altijd wankel zijn
in de ban van de ziekte
nee ze bedreigt me leve nie
maar ze heeft me in'n greep
'n wurggreep
klemvast
ijzersterk
net zoas ik voorheen alijd ben geweest
die ochtend dus
ben'k door en goed en wel
my god hoe genadeloos iemand kan
en dat'k dan zo wakker moet
rechtgeveerd
terwijl ze pompend
vrat aan alles
aan alles met die nietsontziende tong
de glimmend witte tande
genadeloos
'et was me ochtend
zij genadeloos 'et kan nie beter gezegd
de vrouw zo wild
'n beest
die geur asof ze de dood brengt
die geur asof ze doodt
en ik
genadeloos
zo vreemd en ongemeen
ze had medelijde zei ze
met'n zieke
ik ben
en moet nu verder de dag door
'n zondag
'n luie zondag meestal
maar hoe ongemeen vruchtbaar
is ie begonne
geen tijd voor koffiekoeke
geen tijd voor koffie of thé
geen tijd
voor niks
behalve dan genadeloos
zo was'r tong ware d'r hande
zo gaf ze kut en alles wat ze geve kon
en ik onderging
as'n zwakke prooi
'n vogel voor de kat
maar ik ging
my god ik ging
ze riep genadeloos
toen ze kwam
en ik kon slechts steune
kreune
met bijna alle leve uit me weg
genadeloos
en nu ben'k nog wat aan'et bekome
wens jullie op de hoogte te stelle
nogmaals
van paard en de bühne
nee de gelegenhede ligge nie voor'et grijpe
zijn eerder zeldzaam
paard op de bühne
my god ik zou wel elke dag wille
die drang
bühnensucht schreef hermanus brood
en ik voel die
maar ik ben genoopt tot slechts af en toe
maar dan moet'et gewete
nee de gelegenhede zijn schaars
om'et paard te geniete
me woorde te vrete anders dan op'et scherm
de momente dat je paard kan voele
zien en hore
ondergaan
gaan
kome
whatever
'et zijn uitzonderinge
tege wil en dank zeg maar
maar de elfde van de vierde
dààr te amersfoort
the honkytonk place place to be
de rooie cent
(zie de folder elders her en der)
dààr zal'et zijn
paard en and're dichters
nie de minste
maar allemaal door en van
uit de powezie en'et leve
zo getekend
zo geschreve
zo zijn ze uit'et leve
en ik ook
ik zal'r de bühne op
as'n volbloed op de renbaan
'et moet gezien
de wereld moet kond gedaan
en jullie aanwezig
it's my wish
vanaf 20u zijn de dichters present
en ik al wat vroeger
ja ik moet door amersfoort
me bed gaan bekijke
vooraleer de nacht
ik moet de stad wat
de rosse buurt
de kroege
ik moet amersfoort
en amersfoort moet mij
dan zal'k de rooie cent
de lucht bezwangerd
'et behang kreunend onder paard
en de liefde zal'r voor'et grijpe zijn
zo uit de lucht
de liefde oh liefde of hoe noem je dat
noem'et seks voor me part
lust en passie
noem'et freake
noem'et beest
noem'et paard
maar d'r zal nie aan onderuit te kome
nee ik zal zijn
alive and kicking
bij leve en welzijn
ja desnoods zelfs ongemeen vruchtbaar
geen plekje ongemoeid
en de toilette zijn dichtbij
de kamertjes ook allicht
nou ja dat'et mag as op'n zondag
deze zondag
zo wild en vreemd zo genadeloos
dat'et mag tot op is op
en ik wrak
maar eerst doe'k de powezie
my god hoe zalig zal'k me wete
ik ben'r nu al klaar voor
wil nu al wil de bühne wil amersfoort
de kroeg en de toilette de kamertjes
me bedje daar gespreid
my god ik moet de volbloed
en al de rest laat zich vertelle
'et scenario van'n avond en nacht
paard en amersfoort
en alles voor'et grijpe
nou ja en dat'k meer wil
alle dage alle nachte de bühne op
'n mens kan toch maar een keer stuk
nog slechts'n beetje meer wankel
ik wil de prijs betale
voor op is op tot op'et bot
dus mense om'n verhaal kort te houde
net nu ik eindelijk me koekjes ete kan
suikervrije koekjes
en zelfs'n praline
suikervrij eveneens
ja bij vlage doe ik gezond
ik mag toch nie dood aan alles
en de koffie zwart nu
die heb'k altijd wel in huis
de koekjes en pralines liet ze achter
genadeloos
my god wat'n beest
ik drink
tril na
geniet na
dat genadeloos ook nog mooi kan
en nog meer genadeloos'et weggaan
ja ik weet nu
maar de elfde van de vierde
dààr te amersfoort
dan zal ik zijn
zo ik zo paard
en jullie welkom
groetjes, luk paard
'et is opvallend hoe sterk je kan
zo opeens door alles heen
dat je snijdt en rafels trekt
dat je alsmaar meer
asof'r niks
en zelfs dat ook geen leegte is
maar boordevol
dat je iemand slingere kan
tot bewegingsloos
dat alles pijn
dat alles liefde
tot alles dat nooit kon gedacht
dat je op de knieë dwingt
tot languit
omdat je zelf zo plots
valt
(c) luk paard
ach in zoverre ze nie zakelijk zijn
zijn woorde toch steeds'n beetje onzin
(c) luk paard
dat'k altijd maar moe
en jij me graag bloede ziet
tot hoe meer nog ik
de hele wereld om te drage
en of je me geen hande schenkt
met klauwe
ik zie toch geen grijpe meer
wil enkel nog wat zacht
om in te bijte
en dat'k je verdomd koestere zal
dag na dag tot ver voorbij
tot verder dan'et leve kan
ik zie je graag
maar jij weet nie
dan enkel van'et lijde
(c) luk paard