(de rockdichter):...zo kom ik tot me schrijve en weet...ik ben zoas'k blijf bestaan
“van zoveel as dat’r mense zijn huis ik in vele plekke “ luk paard
oh vriende ik ben toch maar’n dichter die huist in vele plekke
die schrijft van en in en uit’et leve die zich op en af de wereld
die altijd gedreve en bezield met volle overgave
die zich geeft en laat neme die neemt en zich laat geve
en altijd om te behage en te bekore
altijd voor de lezers van de wereld de lezers in’un eige wereld
de lezer die de woorde leeft en late leve kan
‘et kan’n geluid zijn of’n deuntje
’n gebaar of’n blik in de oge
‘et kan’n geur zijn of ’n kleur
‘n beeld op me netvlies
’n temperatuur
’n woord of ’n zin
‘et kan van alles zijn
of niks
me fantasie of drome
de mix met werkelijkheid
of helemaal fake
en soms is dat zus en en dan es zo en anders nog
ja ’n keertje van de romantiek en hoe ik me daar in weet hange
behagelijk
geborge
en zo alles zacht dat fluweel me lijkt te omklede
soms es van de bloeme die’k uit me mond laat groeie
en die’k met me lippe zo machtig stengele laat
tot’un kelkje vol met nectar
en ik zo zalig me lave kan
soms is’et es van de lach en…’n traan
of hoe’et nie allemaal rozengeur en maneschijn
maar toch altijd’n regenboog ergens de dag kleurt
soms is’et van wandele zij aan zij
langs mooi velde en bosse
is’et van de harteklop aan elkaar
en leve van adem in adem
soms is’et van same lope over water
en door de tijd reize op lichtblauwe wolke
sierlijk vliege en buitelinge make
duike
van hoog in de lucht tot diep in de zee
en dan belle blaze aan elkaar
soms is’et van kindjes make
en soms is’et gewoon
soms is’et van de gekte en de hufters
van hoe de wereld zich snijde laat
door vuil en vies en woede en oorlog
moord en doodslag brand en bomme
van hoe’et leve ook gaan kan dus
en nog’n andere keer is’et van de demone in me hoofd
de strijd die altijd is verlore
en hoe ik dan toch kan rechtgeveerd
en
win!
soms is’et van mooie meisjes met zomerjurke
en op hoge bene
de buike bloot
en hoe ik de navels kus
gevuld met sprank’lend fris
en soms duik ik de krochte in
zoek duivels op
sla zwavel om me heen
laat brande
en
brand op
soms is’et hoe’k me met zwart omhul
en toch’n glimlach spreid
met lippe die mooi prate
de schijn voor echt laat zijn
en
duik de steegjes in
en kelders
de putte waar ik koning ben
de scepter zwaai
me lul laat kloppe
en’n dansje doe
smeerpoes…
smeer poesjes tege mure
en hang ze over’n stoeltje
knijp in borste en bille
praat gezegend as’n heer
en plomp me vingers in vele openinge
laat me glijde naar hande toe
kom klaar
en lach
omdat ik zalve kan met drome
die zich late slikke as zoete koek
soms ben’k ongemeen monsterlijk
laat geen plekje ongemoeid
en val de wereld aan
dood al wat mensens is
rakel op wat is vergaan
leef verder
en zweef tusse de hemellichame
praat gek met afgestorve astronaute
in’n baan om de aarde heen
loop me lul es na
jaag drome op
en achterhaal zovele verhale
schrijf mezelf gekroond
en
weet nooit van lang te blijve
ga door
loop achter
kijk nooit om
en haal’et verlede door me heen
en soms is’et nog anders
nog es zovele woorde maar geen zinnig verhaal
en soms
soms is’et niks dan flarde adem
tot’et sterve me bedreigt
en and’re kere laat’k me de dage doorglijde
met me oge dicht
en zie niks
maar altijd stukke mense
van hoe ze leve
en ik me zo dan schrijf
van zoveel as dat’r mense zijn
© luk paard
Stuur door
Dit is niet OK